In 180 landen ter wereld bestaat nationale wetgeving die de bescherming van het cultureel erfgoed regelt. Dit soort wetgeving is erop gericht dat voorwerpen van bijzondere cultuurhistorische waarde niet ongemerkt naar het buitenland kunnen verdwijnen. Sinds 1 februari 1984 beschikt Nederland over de Wet tot behoud van cultuurbezit (Wbc).
De Wbc heeft als doel te voorkomen dat voorwerpen en verzamelingen die van bijzondere cultuurhistorische of wetenschappelijke betekenis zijn, verloren gaan voor het Nederlandse cultuurbezit. Aan zulke voorwerpen wordt een beschermde status toegekend, waarna ze op een lijst geplaatst worden. Voorwerpen die op de Wbc-lijst staan, mogen niet zonder toestemming van de Minister van Cultuur naar het buitenland worden uitgevoerd. Wanneer een eigenaar een beschermd voorwerp wil verkopen, moet hij het eerst ter verkoop aan de Nederlandse staat aanbieden.
De Wbc is van toepassing op voorwerpen die eigendom zijn van particulieren, verenigingen en stichtingen. Een voorwerp van bijzondere cultuurhistorische betekenis komt voor bescherming in aanmerking als het onvervangbaar en onmisbaar is voor het Nederlandse cultuurbezit. Naast kunstwerken zoals het portret van Jan Six door Rembrandt of de ‘Noodkist’ (reliekschrijn) van Sint Servaas in Maastricht, beschermt de wet ook wetenschappelijke en gebruiksvoorwerpen, zoals bijvoorbeeld de eerste klok die gebouwd is naar ontwerp van Christiaan Huygens, de uitvinder van het slingeruurwerk.
Elke burger kan een voorwerp of verzameling voordragen waarvan hij of zij meent dat het voor bescherming in aanmerking komt. In de praktijk draagt vooral de Wbc-commissie van de Raad voor Cultuur voorwerpen voor. De commissie telt naast een voorzitter en drie kern-commissieleden ruim twintig deskundigen die elk gespecialiseerd zijn op een specifiek terrein van cultuur en wetenschap. De Minister van Cultuur kan op basis van advies van de Raad voor Cultuur besluiten om een voorwerp of verzameling onder bescherming van de Wbc te plaatsen. De afdeling collecties van de Erfgoedinspectie van het Ministerie van OCW houdt toezicht op de naleving van de Wbc.
Voorzitter
prof. mr. Inge van der Vlies
Externe adviseurs
drs. Peter Schatborn
drs. Edwald van Voolen
dr. Alied Ottevanger
J.P. Puype
drs. Charlotte van Rappard-Boon
prof. dr. Johan ter Molen
drs. Paul le Blanc
drs. Flip Bool
drs. Antoinette Gerhartl-Witteveen
dr. Jeroen Giltaij
prof. dr. Willem van Gulik
dr. Peter van Helsdingen
dr. Ad de Jong
prof. dr. Jos Koldeweij
dr. Martin Bossenbroek
Secretaris
drs. Yolanda Ezendam