De Raad voor Cultuur is het wettelijke adviesorgaan van de regering en het parlement op het terrein van kunst, cultuur en media. De raad is onafhankelijk en adviseert, gevraagd en ongevraagd, over actuele beleidskwesties en subsidieaanvragen.

Raad adviseert over nieuwe monumenten uit periode 1959-1965

89 gebouwen en plaatsen uit de tweede fase van de wederopbouwperiode zijn zo bijzonder, dat ze de moeite waard zijn om te bewaren. Minister Bussemaker (OCW) overhandigde maandag 18 maart de lijst van potentiële, nieuwe rijksmonumenten voor advies aan de voorzitter van de Raad voor Cultuur, Joop Daalmeijer.

De potentiële monumenten zijn voorbeelden van de veelzijdige geschiedenis, cultuur, architectuur en kunst van vroeg-naoorlogs Nederland. 

In 2007 zijn honderd rijksmonumenten aangewezen uit de eerste helft van de wederopbouwperiode, 1940-1958. Nu is het tweede deel ervan, 1959-1965, aan de beurt. Uit het grote bouwvolume in die periode (2,5 miljoen bouwwerken) is uiteindelijk een zeer beperkte nationale topselectie gemaakt. Daarbij is gebruikgemaakt van de inbreng van gemeenten, de erfgoedwereld en andere experts. De selectie is voorbereid door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

'Monumenten zijn niet alleen in bouwkundig of artistiek opzicht van grote waarde, ze zijn ook verbonden met periodes uit onze geschiedenis en met onze persoonlijke herinnering en verhalen daarover. Als stille getuigen houden ze de herinneringen daaraan levend en zorgen ze ervoor dat die verhalen worden doorverteld en herverteld door vele generaties na ons', aldus minister Bussemaker.

De 89 potentiële monumenten zijn verdeeld in de categorieën onderdak, verzorgingsstaat, economie, infrastructuur, verzuiling, vorming, vrije tijd en cultuur en herdenking. Het gaat om bouwwerken zoals het Evoluon in Eindhoven, de stormvloedkering Hollandse IJssel, de Hollandse Schouwburg in Amsterdam, de Tuinen van Mien Ruys te Dedemsvaart, het hoofdkantoor van de ANWB te Den Haag en de Sloterhof te Amsterdam.

Eigenaren van gebouwen die zijn aangewezen als rijksmonument kunnen gebruikmaken van subsidies, laagrentende leningen voor restauraties en fiscale aftrek voor onderhoudskosten. De gebouwen genieten ook wettelijke bescherming conform de monumentenwet 1988.

Naar verwachting zal minister Bussemaker dit najaar de definitieve lijst bekend maken na het advies van de Raad voor Cultuur.

Lees hier de adviesaanvraag over nieuwe monumenten uit periode 1959 - 1965