De Raad voor Cultuur is het wettelijke adviesorgaan van de regering en het parlement op het terrein van kunst, cultuur en media. De raad is onafhankelijk en adviseert, gevraagd en ongevraagd, over actuele beleidskwesties en subsidieaanvragen.

Evaluatie 2013-2018

 ‘Ruimte voor relevantie’. Zo heet het evaluatierapport over de Raad voor Cultuur, waarin adviesbureau Berenschot constateert dat de raad in de periode 2013-2018 goed heeft gefunctioneerd. Versterking van de eigen positie en doorontwikkeling van de organisatie hebben het functioneren van de raad de afgelopen jaren sterk getypeerd. Volgens het rapport is dit een knappe prestatie, ook gelet op de context: een kleinere organisatie met een lastige uitgangspositie door de bezuinigingen op de cultuursector. De adviezen van de raad doen er toe,  zowel voor het veld als voor de overheden. Hiermee heeft de raad volgens Berenschot ruimte gecreëerd om relevant te zijn.

Volgens artikel 28 van de Kaderwet Adviescolleges moet een adviesorgaan periodiek door een externe partij geëvalueerd worden. Daarom heeft de raad Berenschot gevraagd om zijn functioneren in de jaren 2013 – 2018 te evalueren, en hierin ook mee te nemen welke perspectieven daaruit voortvloeien voor de toekomst. Berenschot heeft op basis van documentenonderzoek, interviews met een groot aantal partijen en een media-analyse vervolgens zijn evaluatierapport ‘Ruimte voor relevantie’ opgesteld.

Door meer naar buiten te treden, open te communiceren, partijen meer bij de raad te betrekken, flexibeler te werken en een bredere kennisbasis op te bouwen, heeft de raad zijn positie versterkt, zijn zichtbaarheid vergroot en is de relevantie van zijn adviezen toegenomen. Belangrijk is ook de constatering van Berenschot dat de raad actief aan de slag is gegaan met de aanbevelingen uit de vorige evaluatie. Deze positieve conclusies motiveren de raad om op de ingeslagen weg verder te gaan.

Maar ook in deze evaluatie staan uiteraard verbeterpunten: de doorwerking van adviezen en de aandacht voor het domein ‘Media’ (bibliotheken, film, letteren, journalistiek, publieke omroep) . Hoewel de raad bewust omgaat met het vraagstuk van doorwerking van adviezen is het nog niet gelukt om dit aspect structureel in zijn werkwijze in te bedden. Ten aanzien van ‘Media’ constateert Berenschot dat deze sector meer aandacht en visie van de raad nodig heeft; er is behoefte aan goed doordachte en onderbouwde media-adviezen.

Lees hier het evaluatierapport