De Raad voor Cultuur is het wettelijke adviesorgaan van de regering en het parlement op het terrein van kunst, cultuur en media. De raad is onafhankelijk en adviseert, gevraagd en ongevraagd, over actuele beleidskwesties en subsidieaanvragen.

Toekomst van cultuurbeleid: sectoradviezen en verkenning

 

In ‘Agenda Cultuur’ (2015) concludeerde de raad dat het cultuurbeleid sterk nationaal is georiënteerd en vooral is gericht op individuele instellingen en niet op de samenhang van culturele voorzieningen. Daarom stelde de raad voor om de keuzes van stedelijke regio’s meer leidend te laten worden in het cultuurbeleid.

Minister Bussemaker (OCW) volgt deze aanbeveling van de raad en vraagt om een verkenning naar de mogelijkheden van een sterkere en evenwichtigere samenwerking tussen de verschillende overheden onderling en de cultuursector. Het doel hiervan is een toekomstbestendig cultuurbeleid dat rekening houdt met de veranderende voorkeuren van het publiek en nieuwe werkwijzen in de cultuursector.

Daarnaast vraagt de minister de raad met sectoradviezen te komen. Ook hier volgt zij ons advies om in de aanloop naar een wijziging van het cultuurstelsel trends en ontwikkelingen per sector te onderzoeken en te duiden. De raad is inmiddels gestart met de voorbereiding van de adviezen over de audiovisuele sector, beeldende kunst, muziek en theater. Later dit jaar volgen sectoradviezen over letteren & bibliotheken, muziektheater, ontwerpende disciplines en musea.

Werkwijze

Voor de sectoradviezen worden er kerncommissies samengesteld, waarin deskundigen zitting hebben die gezamenlijk per sector een brede visie ontwikkelen. Deze kerncommissies organiseren ook debatten en focusgroepen rondom meer specifieke thema’s, zoals bijvoorbeeld vraag & aanbod, talentontwikkeling, internationalisering, arbeidsmarktpositie, publieksontwikkeling, beheer & behoud en digitalisering.

Het doel is om de diverse sectoren in kaart te brengen en sterkte-zwakte analyses te maken. De raad neemt drie belangrijke waarden van cultuur hierbij als uitgangspunt: de artistiek-inhoudelijke waarde, de economische waarde en de sociaal-maatschappelijke waarde. Op basis van de sectoranalyses komt de raad tot beleidsaanbevelingen. Daarbij is er ook aandacht voor er wie aan zet is: de sector, een fonds of een overheid. 

De raad baseert zich voor zijn adviezen onder meer op de sectoranalyses die enkele cultuurfondsen aanvullend hebben uitgevoerd (zoals het Filmfonds en BKNL); op ‘De Cultuurindex’ en ‘Cultuur in Beeld’; op informatie die (inter)nationale brancheorganisaties verzamelen over ontwikkelingen in een sector; op focusgroepen, debat en eventuele surveys via online enquêtes.

Vervolg

De sectoradviezen vormen met elkaar één van de drie bouwstenen voor de discussie die volgend jaar wordt gevoerd over het cultuurbestel na 2020.  De andere bouwstenen zijn de verkenning van de rol van stedelijke regio’s in het cultuurbeleid en het advies over de ondersteunende functies in de Culturele Basisinfrastructuur (BIS). Op basis van een integrale visie komt de raad vervolgens tot een advies over de samenstelling van de BIS na 2020.  

Lees hier de adviesaanvraag.